Exclusief privatief gebruik gemene delen aanzien als erfdienstbaarheid (art. 164 en 167 DB burgerlijk recht)

Volgens het appartementsrecht hebben de mede-eigenaars in principe een proportioneel recht op het gebruik van de gemene delen. Maar de statuten kunnen hiervan afwijken. Voortaan wordt die statutaire afwijking vermoed een erfdienstbaarheid te zijn. Een clausule kan van dit vermoeden afwijken.

Om dit exclusieve gebruiksrecht te beëindigen, zijn trouwens bijzondere omstandigheden nodig. Dit kan enkel met een viervijfdemeerderheid van de stemmen in de algemene vergadering. En mits de beëindiging van het exclusieve privatief gebruik van de gemene delen gemotiveerd is door het rechtmatig belang van de mede-eigenaars. Eventueel zal de vereniging van mede-eigenaars een schadevergoeding moeten betalen aan de betrokken mede-eigenaar, in verhouding tot de schade die de beëindiging voor hem veroorzaakt.

De nieuwe wet van 18 juni 2018 treedt in werking op 1 januari 2019. Er is voorzien in overgangsregels.

Bron: Wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing, BS 2 juli 2018 (art. 164, 167 en 179 DB burgerlijk recht)

Zie ook:
Burgerlijk Wetboek (art. 577-4 en 577-7)