Europa wijzigt btw-regels voor afstandsverkopen en bepaalde binnenlandse leveringen

Europa wijzigt de regels over de btw op afstandsverkopen (e-commerce) en bepaalde binnenlandse leveringen van goederen die in de btw-richtlijn staan.

Richtlijn (EU) 2019/1995 van de Raad van 21 november 2019 voegt de nieuwe regels toe aan de btw-richtlijn.
De lidstaten moeten ze toepassen vanaf 1 januari 2021.

Indien een belastingplichtige via het gebruik van een elektronische interface, zoals een marktplaats, platform, portaal of soortgelijk middel:

afstandsverkopen van uit een derdelandsgebied of een derde land ingevoerde goederen in zendingen met een intrinsieke waarde van niet meer dan 150 euro faciliteert, of

de levering van goederen binnen de Gemeenschap door een niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige aan een niet-belastingplichtige faciliteert,

wordt de belastingplichtige die de levering faciliteert geacht die goederen zelf te hebben ontvangen en geleverd (art. 14bis, btw-richtlijn, van toepassing vanaf 1 januari 2021).

Aangezien de btw-richtlijn één enkele levering opsplitst in twee leveringen, bepaalt richtlijn (EU) 2019/1995 aan welke van deze leveringen de verzending of het vervoer van de goederen moet worden toegerekend, om hun plaats goed te kunnen bepalen.
Verder zorgt ze ervoor dat het belastbare feit van deze twee leveringen op hetzelfde tijdstip plaatsvindt.

Een belastingplichtige die via een elektronische interface de levering van goederen aan een niet-belastingplichtige in de Gemeenschap faciliteert, kan de aan een niet in de Gemeenschap gevestigde leverancier betaalde btw in aftrek brengen. Om het risico te vermijden dat laatstgenoemde de btw niet aan de belastingautoriteiten betaalt, stelt richtlijn (EU) 2019/1995 de levering van de leverancier die de goederen via een elektronische interface verkoopt, vrij van btw.
Die leverancier krijgt tegelijk het recht om de door hem betaalde voorbelasting met betrekking tot de aankoop of invoer van de geleverde goederen in aftrek te brengen. Daartoe moet de leverancier altijd geregistreerd zijn in de lidstaat waar hij deze goederen heeft verworven of ingevoerd.

Bovendien kunnen niet in de Gemeenschap gevestigde leveranciers die een elektronische interface gebruiken voor de verkoop van goederen, voorraden aanhouden in verschillende lidstaten en in aanvulling op de intracommunautaire afstandsverkopen van goederen, goederen uit deze voorraad leveren aan afnemers in dezelfde lidstaat.
Momenteel vallen dergelijke leveringen niet onder de 'bijzondere regeling voor intracommunautaire afstandsverkopen van goederen en voor diensten verricht door in de Gemeenschap doch niet in de lidstaat van verbruik gevestigde belastingplichtigen'.
Om de administratieve lasten te verlichten, staat richtlijn (EU) 2019/1995 aan de belastingplichtigen die de levering van goederen aan niet?belastingplichtigen in de Gemeenschap via een elektronische interface faciliteren, en die geacht worden de goederen zelf te hebben ontvangen en geleverd, nu ook toe om deze bijzondere regeling te gebruiken voor de aangifte en de betaling van btw voor die binnenlandse leveringen.

Tot slot stemt richtlijn (EU) 2019/1995 de termijn voor de betaling van de verschuldigde btw bij invoer van goederen aan de douane, indien de bijzondere regeling voor de aangifte en de betaling van btw bij invoer wordt gebruikt, af op de betalingstermijn die geldt voor de betaling van de invoerrechten (termijn voor het douanetarief, art. 111 Douanewetboek van de Unie).

In werking:

richtlijn (EU) 2019/1995 treedt in werking op 22 december 2019;

de lidstaten moeten deze richtlijn tegen uiterlijk 31 december 2020 omzetten in hun nationaal recht. Zij moeten de nieuwe regels toepassen vanaf 1 januari 2021.

Bron: Richtlijn (EU) 2019/1995 van de Raad van 21 november 2019 tot wijziging van Richtlijn 2006/112/EG wat betreft de bepalingen inzake afstandsverkopen en bepaalde binnenlandse leveringen van goederen, PB.L. 310, 2 december 2019.

Zie ook:
- Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (btw-richtlijn) Pb.L. 347, 11 december 2006, err., PB.L. 335, 20 december 2007, err., Pb.L. 158, 21 juni 2018, err., Pb.L. 8, 10 januari 2019 (btw-richtlijn).
- Richtlijn (EU) 2017/2455 van de Raad van 5 december 2017 tot wijziging van Richtlijn 2006/112/EG en Richtlijn 2009/132/EG wat betreft bepaalde btw-verplichtingen voor diensten en afstandsverkopen van goederen, Pb.L. 348, 29 december 2017.