Verlaagd tarief successierechten bij vererving familiale ondernemingen en vennootschappen in Brussel: minister publiceert verificatieformulieren

De Brusselse minister van Financiën, Sven Gatz, heeft de verificatieformulieren gepubliceerd waarmee 'Brussel Fiscaliteit' controleert of de voorwaarden voor het behoud van het verlaagd tarief van de successierechten bij vererving van familiale ondernemingen en vennootschappen werden nageleefd.

Het ministerieel besluit van 8 januari 2020, met in bijlage een model van deze verificatieformulieren, verscheen in het Belgisch Staatsblad van 14 januari 2020.

De nieuwe verificatieformulieren zijn van toepassing vanaf 1 januari 2020.

Verlaagd tarief successierechten

Sinds 2017 gelden er verlaagde tarieven voor de successierechten bij vererving van familiale ondernemingen en familiale vennootschappen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Er is een gunsttarief van 3% voor een verkrijging in rechte lijn en tussen echtgenoten of samenwonenden, en 7% voor een verkrijging tussen alle andere personen (art. 60bis-art. 60bis/3, Br.W.Succ.).
De gunsttarieven zijn van toepassing op nalatenschappen die openvallen vanaf 1 januari 2017.

Controle na 3 jaar

Brussel Fiscaliteit controleert of de voorwaarden voor het behoud van dit verlaagd tarief van de successierechten vervuld zijn gebleven tot het einde van de driejarige periode die aanving bij het overlijden van de erflater (art. 60bis/2, § 1, Br.W.Succ.).

Voor deze controle stelt Brussel Fiscaliteit twee soorten verificatieformulieren ter beschikking:

het ?verificatieformulier voor het behoud van het verlaagd tarief successierechten ? verificatie van de voorwaarden drie jaar na het overlijden ? familiale onderneming?, en

het ?verificatieformulier voor het behoud van het verlaagd tarief successierechten ? verificatie van de voorwaarden drie jaar na het overlijden ? familiale vennootschap?.

Wanneer blijft het recht op het verlaagd tarief behouden?

Het verlaagd tarief van de successierechten bij vererving van een familiale onderneming blijft behouden als aan volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan:

de activiteit van de familiale onderneming wordt zonder onderbreking voortgezet (dezelfde activiteit);

de onroerende goederen die met toepassing van het verlaagd tarief werden overgedragen blijven niet of niet hoofdzakelijk aangewend of bestemd voor bewoning.

Bij vererving van een familiale vennootschap blijft het verlaagd tarief van de successierechten behouden als aan volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan:

de vennootschap moet blijven beantwoorden aan de definitie van ?familiale vennootschap?, d.w.z.:de vennootschap heeft als doel de uitoefening van een nijverheids-, handels-, ambachts- of landbouwactiviteit, of van een vrije beroep, ze oefent deze activiteit of beroep uit, OF ze houdt minstens 30% van de aandelen aan van minstens één directe dochtervennootschap die aan de voorwaarden voldoet; de vennootschap heeft een reële economische activiteit. Een vennootschap wordt geacht geen reële activiteit te hebben als uit de balansposten van de laatste jaarrekening of uit de geconsolideerde jaarrekening cumulatief blijkt dat: de ?bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen? een percentage gelijk of lager dan 1,50% uitmaken van de totale activa, en de ?terreinen en gebouwen? meer dan 50% uitmaken van de totale activa;

de familiale vennootschap heeft haar zetel van wekelijke leiding in een Staat die deel uitmaakt van de Europese Economische Ruimte (EER);

de activiteit van de familiale vennootschap wordt zonder onderbreking voortgezet (dezelfde activiteit);

een jaarrekening of een geconsolideerde jaarrekening wordt opgemaakt, en in voorkomend geval, gepubliceerd overeenkomstig de vigerende boekhoudwetgeving van de lidstaat waar de maatschappelijke zetel gevestigd is op het ogenblik van het overlijden, die ook aangewend is ter verantwoording van de aangifte in de inkomstenbelasting;

het maatschappelijk kapitaal is niet gedaald door verminderingen of terugbetalingen;

de vennootschap blijft dezelfde activiteit uitoefenen dan deze die werd aangegeven in het formulier tot aanvraag van het attest bedoeld in artikel 60bis/3 van het Wetboek der Successierechten (Br.) (het attest dat werd ingediend met de aangifte van nalatenschap).

Verificatieformulier en bijhorende stukken opsturen

De erfgenamen moeten het verificatieformulier vóór de 93ste dag die volgt op het verstrijken van de termijn van 3 jaar vanaf de dag van het overlijden van de erflater, via de gewone post versturen naar Brussel Fiscaliteit, samen met een kopie van enkele bewijsstukken.
Al deze bewijsstukken moeten de situatie weergeven zoals die was op het einde van de termijn van 3 jaar vanaf de dag van het overlijden van de erflater.

Brussel Fiscaliteit stuurt een ontvangstbewijs naar de contactpersoon met daarop de ontvangstdatum van het verificatieformulier.

Advies

Indien alle voorwaarden werden nageleefd, levert Brussel Fiscaliteit geen attest af.

Werden de voorwaarden voor het behoud van het verlaagd successietarief niet nageleefd, dan zal de directeur van de 'Directie Inkohiering' van 'Brussel Fiscaliteit' een ongunstig advies meedelen aan de ontvanger van het bevoegde kantoor van de 'Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie (AAPD)'.
Het verschuldigd geachte successierecht of het recht van overgang bij overlijden zal dan berekend worden tegen het tarief vermeld in artikel 48 en artikel 48(2) van het Wetboek der Successierechten (Br.), zonder toepassing van het verlaagd tarief.

Als de directeur van de 'Directie Inkohiering' overweegt om een ongunstig advies af te leveren aan de ontvanger van het bevoegde kantoor van de AAPD, zal hij de contactpersoon hier eerst via een gewone brief over informeren. De erfgenamen hebben dan 30 dagen de tijd om schriftelijk hun eventuele opmerkingen over te brengen.

In werking

Het ministerieel besluit van 8 januari 2020 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2020.

Bron: Ministerieel besluit van 8 januari 2020 tot vaststelling van de modellen van formulier bedoeld in artikel 8, § 1 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 januari 2017 tot vaststelling van de modaliteiten van het gunstregime toepasselijk op de successierechten bij overdracht van familiale ondernemingen en familiale vennootschappen, BS 14 januari 2020.

Zie ook:
- Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 januari 2017 tot vaststelling van de modaliteiten van het gunstregime toepasselijk op de successierechten bij overdracht van familiale ondernemingen en familiale vennootschappen, BS 31 januari 2017 (art. 8).
- Ordonnantie van 12 december 2016 houdende het tweede deel van de fiscale hervorming, BS 29 december 2016 (art. 9, art. 10, art. 11, art. 12, art. 13 en art. 39)