Belemmerde spoorwegovergang oprijden voortaan zwaarder bestraft

Vanaf 1 augustus 2021 vormt ?het oprijden van een spoorwegovergang wanneer het verkeer zodanig belemmerd is dat men waarschijnlijk op de overweg zal moeten stoppen? een overtreding van tweede graad. Een trapje hoger dan vandaag.

Tot nog toe vormde de handeling een overtreding van eerste graad, de laagste categorie in de Wegcode. Maar omdat dergelijke inbreuken de veiligheid van personen onrechtstreeks in gevaar kunnen brengen, schuift de wetgever ze nu een categorie hoger.

Op een overtreding van tweede graad staat een onmiddellijke inning van 116 euro (voor een overtreding van eerste graad is dat 58 euro). Wordt die onmiddellijke inning niet betaald, dan kan het parket een minnelijke schikking van 160 euro voorstellen. Als ook die niet wordt ingelost, dan kan er worden gedagvaard voor de rechtbank. De rechter kan dan een geldboete opleggen van 160 tot 2.000 euro (exclusief gerechtskosten en bijkomende uitgaven) en een verval van het recht tot sturen van 8 dagen tot 5 jaar.

De wetgever wijzigt de lijst met overtredingen van tweede graad in het KB Overtredingen per graad (wegverkeer) van 30 september 2005.

In werking: 1 augustus 2021 (10 dagen na publicatie in het Belgisch Staatsblad).

Bron: 27 MEI 2021. - Wet tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 september 2005 tot aanwijzing van de overtredingen per graad van de algemene reglementen genomen ter uitvoering van de wet betreffende de politie over het wegverkeer, wat betreft het oprijden van overwegen wanneer het verkeer belemmerd is, BS 22 juli 2021, bl. 71971.