Aanpassing verhogingscoëfficiënten in functie van bijkomende stijging loonplafond vanaf 2022

Vanaf 1 januari 2022 wordt het loonplafond (d.i. het maximale loon waarop het pensioen wordt berekend) met een bijkomende 2% verhoogd dankzij het akkoord over de verdeling van de welvaartsenveloppe. Om hier uitvoering aan te geven, wijzigt de federale regering de verhogingscoëfficiënten in het KB nr. 50 m.b.t. het rust- en overlevingspensioen voor werknemers (?de Pensioenwet voor werknemers).

Ze zorgt meer concreet voor een aanpassing van de coëfficiënten die recent zijn ingevoerd door de wet van 15 juni 2021. Die wet voorziet in een geleidelijke verhoging van het loonplafond, gespreid over 4 jaren. Met aanpassingen op 1 januari 2021, 2022, 2023 en 2024. De eerste verhoging vond plaat sop 1 januari 2021 voor pensioenen die ingaan vanaf 2022.

Omdat bij de verdeling van de welvaartsenveloppe werd beslist om de plafonds vanaf 2022 met een bijkomende 2% te verhoging worden de voorziene coëfficiënten nu aangepast.

De verhogingscoëfficiënten zijn nu vastgelegd op

1,0443 voor het jaar 2021 (voorheen 1,0238)

1,0691 voor het jaar 2022 (voorheen 1,0482)

1,0946 voor het jaar 2023 (voorheen 1,0731)

1,1206 voor de jaren na 2023 (voorheen 1,0986).

Daarbij geldt dat de bepalingen alleen van toepassing zijn op de pensioenen die daadwerkelijk en voor de eerste maal ten vroegste op 1 januari 2022 in gaan, met uitzonderingen van de overlevingspensioenen berekend op basis van een rustpensioen dat daadwerkelijk en voor de eerste maal ten laatste op 1 december 2021 is ingegaan.

In werking: 1 januari 2022.

Bron: 29 AUGUSTUS 2021. - Koninklijk besluit tot aanpassing aan de welvaart van het loonplafond, BS 10 september 2021, bl. 95632.