Loongrenzen Arbeidsovereenkomstenwet voor 2022 zijn gekend

Op 1 januari 2022 stijgen de loongrenzen uit de Arbeidsovereenkomstenwet. Reden daarvoor is de jaarlijkse indexering. De plafonds zijn belangrijk voor de toepassing van onder meer het scholingsbeding, het concurrentiebeding en het scheidsrechterlijk beding.

Overzicht geïndexeerde bedragen

Wettelijk basisbedrag Geïndexeerd bedrag in 2021 Geïndexeerd bedrag in 2022 Impact op 16.100 euro 36.201 euro 36.785 euro concurrentiebeding en scholingsbeding (art. 22bis, 65 en 104 Arbeidsovereenkomstenwet) 32.200 euro 72.402 euro 73.571 euro concurrentiebeding en scheidsrechterlijk beding (art. 65 en 69 Arbeidsovereenkomstenwet)

Scholingsbeding, niet-concurrentiebeding, scheidsrechterlijk beding

Vanaf 2022 moet met deze nieuwe geïndexeerde loongrenzen rekening worden gehouden bij het bepalen van

- de wettelijkheid van het niet-concurrentiebeding van arbeiders en bedienden (art. 65 en 104 Arbeidsovereenkomstenwet).

Zo zien we dat het concurrentiebeding in 2022 als niet-bestaande zal worden beschouwd in arbeidsovereenkomsten voor bedienden en arbeiders waarin het bruto jaarloon 36.785 euro niet overschrijdt. Ligt dit bruto jaarloon tussen 36.785 euro en 73.571 euro, dan mag het beding alleen worden toegepast op de categorieën van functies of functies die door een in paritair (sub)comité gesloten cao bepaald zijn. Ligt het bruto jaarloon hoger dan 73.571 euro, dan kan het beding rechtsgeldig in de arbeidsovereenkomst voor bedienden en arbeiders worden ingeschreven, behalve voor de functies die bij een in paritair (sub)comité gesloten CAO uitgesloten zijn.

- de wettelijkheid van het scheidsrechterlijk beding van bedienden (art. 69 Arbeidsovereenkomstenwet)

Het verbod voor werknemers en werkgevers om er zich vooraf toe te verbinden geschillen die uit de overeenkomst kunnen ontstaan aan scheidsrechters voor te leggen is vanaf 1 januari 2022 niet van toepassing op de bediende van wie het bruto jaarloon hoger is dan 73.571 euro en die met het dagelijks beheer van de onderneming is belast of die beheerverantwoordelijkheid draagt in een afdeling of bedrijfseenheid van de onderneming.

- de modaliteiten m.b.t. de toepassing van het scholingsbeding (art. 22 Arbeidsovereenkomstenwet)

Het scholingsbeding wordt in 2022 als onbestaande beschouwd wanneer het bruto jaarloon van de werknemer 36.785 euro niet overschrijdt.

Bron: Aanpassing op 1 januari 2022 van de loonbedragen bepaald bij de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten aan het algemene indexcijfer van de conventionele lonen voor bedienden (artikel 131), BS 10 december 2021, bl. 118119.

Zie ook
Arbeidsovereenkomstenwet, art. 22bis (scholingsbeding), art. 65 en art. 104 (concurrentiebeding) en art. 69 (scheidsrechtelijk beding).
Aanpassing op 1 januari 2021 van de loonbedragen bepaald bij de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten aan het algemene indexcijfer van de conventionele lonen voor bedienden (artikel 131), BS 9 december 2020.